Wetgeving - Historiek
De Cel Precursoren is een administratieve cel en bestaat uit vertegenwoordigers van het Federaal Agentschap voor Geneesmiddelen en Gezondheidsproducten en van de Administratie der Douane en Accijnzen.
De Cel Precursoren werd in 1993 opgericht als toezichthoudend orgaan op de naleving van het KB van 26/10/1993, houdende maatregelen om te voorkomen dat bepaalde stoffen worden misbruikt voor de illegale vervaardiging van verdovende middelen en psychotrope stoffen. Dit besluit was een omzetting van twee Europese verordeningen, Verordening (EEG) Nr. 3677/90 en 3769/92. Thans zijn de nieuwe wettelijk opgelegde controlemaatregelen vastgelegd in vijf EG-verordeningen:
VERORDENING (EG) Nr. 273/2004 (PDF, 278.5 Kb)van het Europees Parlement en de Raad van 11 februari 2004 inzake drugsprecursoren (Voor de EER relevante tekst).
Deze verordening stelt de maatregelen vast voor het intracommunautair toezicht op bepaalde stoffen die vaak voor illegale vervaardiging van verdovende middelen en psychotrope stoffen worden gebruikt, teneinde misbruik van deze stoffen te voorkomen.
VERORDENING (EG) Nr. 111/2005 (PDF, 80.48 Kb)van de Raad van 22 december 2004 houdende voorschriften voor het toezicht op de handel tussen de Gemeenschap en derde landen in drugsprecursoren.
Deze verordening stelt voorschriften vast voor het toezicht op de handel tussen de Gemeenschap en derde landen in bepaalde stoffen die veelvuldig worden gebruikt bij de illegale vervaardiging van verdovende middelen of psychotrope stoffen teneinde misbruik van deze stoffen te voorkomen; zij is van toepassing op de invoer, de uitvoer en op intermediaire activiteiten.
VERORDENING (EG) Nr. 1277/2005 (PDF, 557.63 Kb)van de Commissie van 27 juli 2005 tot vaststelling van uitvoeringsbepalingen van Verordening (EG) nr. 273/2004 van het Europees Parlement en de Raad inzake drugsprecursoren en van Verordening (EG) nr. 111/2005 van de Raad houdende voorschriften voor het toezicht op de handel tussen de Gemeenschap en derde landen in drugsprecursoren (Voor de EER relevante tekst).
Deze verordening stelt voorschriften vast voor de uitvoering van Verordening (EG) nr. 273/2004 en Verordening (EG) nr. 111/2005 wat betreft de verantwoordelijke, de afgifte van vergunningen aan en de registratie van marktdeelnemers, de verstrekking van informatie, de voorafgaande kennisgeving van uitvoer, en de invoer - en uitvoervergunningen op het gebied van drugsprecursoren.
VERORDENING (EG) Nr. 297/2009 (.pdf) (PDF, 701.73 Kb) van de Commissie van 8 april 2009 houdende wijziging van Verordening (EG) nr. 1277/2005 tot vaststelling van uitvoeringsbepalingen van Verordening (EG) nr. 273/2004 van het Europees Parlement en de Raad inzake drugsprecursoren en van Verordening (EG) nr. 111/2005 van de Raad houdende voorschriften voor het toezicht op de handel tussen de Gemeenschap en derde landen in drugsprecursoren
In bijlage IV bij Verordening (EG) nr. 1277/2005 zijn niet alle derde landen opgenomen die sinds de inwerkingtreding van die verordening om voorafgaande kennisgeving van uitvoer hebben verzocht. Canada, de Maldiven, Oman en de Republiek Korea hebben sinds 2005 een dergelijk verzoek ingediend en moeten daarom worden toegevoegd.
VERORDENING (EG) Nr. 225/2011 (.pdf) (PDF, 44.93 Kb) van de Commissie van 7 maart 2011 houdende wijziging van Verordening (EG) nr. 1277/2005 tot vaststelling van uitvoeringsbepalingen van Verordening (EG) nr. 273/2004 van het Europees Parlement en de Raad inzake drugsprecursoren en van Verordening (EG) nr. 111/2005 van de Raad houdende voorschriften voor het toezicht op de handel tussen de Gemeenschap en derde landen in drugsprecursoren
De Commissie voor verdovende middelen van de Verenigde Naties heeft op haar tweede bijeenkomst op 8 maart 2010 besloten om fenylazijnzuur op te nemen in tabel I van het Verdrag van de Verenigde Naties tegen de sluikhandel in verdovende middelen en psychotrope stoffen van 1988. In artikel 12, lid 10, van dit Verdrag is bepaald dat elke partij uit het grondgebied waarvan een in tabel I genoemde stof zal worden uitgevoerd er zorg voor draagt dat, voorafgaand aan deze uitvoer, gegevens over de uitvoer door haar bevoegde autoriteiten worden verstrekt aan de bevoegde autoriteiten van het land waar de stof zal worden ingevoerd. Naar aanleiding van het besluit om fenylazijnzuur in tabel I van het VN-Verdrag op te nemen, dient bijlage IV bij Verordening (EG) nr. 1277/2005 te worden gewijzigd opdat voorafgaande kennisgevingen van uitvoer zouden worden gedaan voor iedere uitvoer van fenylazijnzuur uit de Europese Unie.
In bijlage IV bij Verordening (EG) nr. 1277/2005 zijn niet alle derde landen opgenomen die sinds de inwerkingtreding van Verordening (EG) nr. 297/2009 van de Commissie om voorafgaande kennisgeving van uitvoer voor bepaalde geregistreerde stoffen van de categorieën 2 en 3 hebben verzocht. Afghanistan, Australië en Ghana hebben een dergelijk verzoek gedaan en moeten daarom worden toegevoegd.