Gebruik van geneesmiddelen bij paardachtigen

Het FAGG, het FAVV en de FOD Volksgezondheid, Veiligheid van de Voedselketen en Leefmilieu willen de dierenartsen op de hoogte brengen dat een samenvattend document over het gebruik van geneesmiddelen bij paardachtigen werd opgesteld en op de website van het FAGG werd geplaatst.

In dit document worden de regels vermeld die van toepassing zijn volgens de categorie waartoe het dier behoort (voedselproducerend of niet voedselproducerend) en wordt ook toelichting gegeven over het cascadesysteem.

Deze regels houden geen rekening met de bepalingen inzake dopingpraktijken voor wedstrijden.

Enkele belangrijke punten in verband met de behandelingen bij paardachtigen

1. Verbod op voorschrijven en verschaffen

Het is verboden om vaccins, serums, psychotrope stoffen, verdovende middelen, anesthetica, tranquillizers, centraal werkende analgetica, neuroleptica, geneesmiddelen vergund voor uitsluitend intraveneuze toediening, hormonen en anti-hormonen te verschaffen of voor te schrijven aan houders van paardachtigen.

Twee uitzonderingen: geneesmiddelen voor oraal gebruik die alfa-2-adrenoreceptoren bevatten en wat er in punt 5 vermeld wordt betreffende geneesmiddelen die hormonale en anti-hormonale stoffen bevatten.

2.Controleren van het statuut van de paardachtige

Voor elke behandeling van een paardachtige moet, na controle van de identificatiechip, ofwel het corresponderend paspoort worden geraadpleegd om het statuut van het dier te controleren (voedselproducerend of niet), ofwel moet het statuut worden nagegaan in de databank van de Belgische Confederatie van het Paard (BCP). Indien het paspoort niet beschikbaar is, zijn de regels vastgelegd in artikel 47 van het koninklijk besluit van 16.02.2016 betreffende de identificatie en de encodering van de paardachtigen in een centrale gegevensbank .

Elk paard wordt bij zijn geboorte beschouwd als een voedselproducerend dier. Een veulen dat nog niet beschikt over een identificatiedocument wordt dus beschouwd als voedselproducerend dier.

3. Aanwezigheid van geneesmiddelen op een plaats waar zowel paardachtigen uitgesloten uit de voedselketen als voedselproducerende dieren worden gehouden

Momenteel is er geen enkele wettelijke contra-indicatie voor de aanwezigheid in een stal van geneesmiddelen bestemd voor niet voedselproducerende paardachtigen, terwijl daar zowel voedselproducerende dieren als paardachtigen uitgesloten uit de voedselketen in zijn ondergebracht.

Het FAVV voert controles uit op de toediening en de aflevering van geneesmiddelen in bedrijven waar paardachtigen worden gehouden en gefokt. Bij controle in bedrijven waar zowel paardachtigen uitgesloten uit de voedselketen als voedselproducerende dieren verblijven, moet de houder de bestemming van de geneesmiddelen kunnen bewijzen.

Dit is de reden waarom, bij verschaffing van geneesmiddelen verboden voor voedselproducerende paardachtigen, het toedienings- en verschaffingsdocument (TVD) niet is verplicht, maar er een eenduidige identificatie van het paard waarvoor de geneesmiddelen zijn bestemd, op de verpakking van het geneesmiddel moet worden aangebracht.

Bij het voorschrijven van geneesmiddelen die verboden zijn voor voedselproducerende paarden moet de behandelende dierenarts het model van voorschrift gebruiken in drie exemplaren, en het vak dat betrekking heeft op de identificatie invullen.

4. Verduidelijking in verband met de geneesmiddelen uit tabel 2 van de verordening (EU) nr. 37/2010 (voorheen bijlage IV bij de verordening (EEG) nr.2377/90)

Bij niet voedselproducerende paardachtigen kunnen via het cascadesysteem geneesmiddelen uit tabel 2 van de bijlage bij de verordening 37/2010 worden toegediend. De uitleg is de volgende :

  • Op grond van artikel 145, § 2, van het KB van 14.12.2006 betreffende geneesmiddelen voor menselijk en diergeneeskundig gebruik mogen geneesmiddelen die werkzame stoffen vermeld in tabel 2 van de bijlage bij de verordening 37/2010 bevatten geen vergunning krijgen voor het in de handel brengen (VHB) in de Europese Unie voor paardachtigen.
  • Krachtens artikel 230, § 2, van hetzelfde KB is echter de toepassing van de cascade “niet voedselproducerende dieren” op paardachtigen die zijn uitgesloten uit de voedselketen toegestaan. Bijgevolg zijn de geneesmiddelen die stoffen uit tabel 2 van de bijlage bij de verordening 37/2010 bevatten enkel via het cascadesysteem toegankelijk voor niet voedselproducerende paardachtigen.

In de praktijk zullen de stoffen uit tabel 2 van de bijlage bij de verordening 37/2010 die zullen worden gebruikt afkomstig zijn van een geneesmiddel dat werd vergund voor een andere niet voedselproducerende diersoort, van een Belgisch geneesmiddel voor menselijk gebruik of van een geneesmiddel dat door een Belgische officina-apotheker overeenkomstig een voorschrift van een dierenarts ex tempore wordt bereid en rechtstreeks aan de houder wordt afgeleverd.

5. Verduidelijking in verband met het verschaffen of voorschrijven van geneesmiddelen die hormonale of anti-hormonale stoffen bevatten aan een houder van paardachtigen

Over het algemeen is de toediening van geneesmiddelen die hormonale of anti-hormonale stoffen bevatten, wanneer die is toegelaten, voorbehouden aan de dierenartsen. De reglementering voorziet echter in een uitzondering:

Voor paardachtigen die uitgesloten zijn uit de voedselketen, mag de houder deze geneesmiddelen enkel onder de volgende voorwaarden bezitten:

  • de geneesmiddelen worden verschaft of voorgeschreven om een behandeling van een chronische aandoening voort te zetten;
  • de behandelende dierenarts moet met de houder een schriftelijke overeenkomst opstellen met daarin de identiteit van beide partijen, de identificatie van de betrokken paardachtige, de behandelde chronische aandoening, het betrokken geneesmiddel en de aanwijzingen voor het gebruik van het geneesmiddel (dosering, posologie, duur van de behandeling). Deze overeenkomst is beperkt tot een periode van 6 maand en is verlengbaar;
  • in geen geval mogen deze geneesmiddelen worden toegediend aan een ander dier dan datgene dat geïdentificeerd is in de overeenkomst.

 

Laatste update op 03/07/2017