Het PRAC adviseert een beperkt gecombineerd gebruik van geneesmiddelen die het renine-angiotensine systeem (RAS) beïnvloeden

De aanbeveling van het PRAC zal door het CHMP worden overwogen om een definitief advies te formuleren.

Het Risicobeoordelingscomité voor geneesmiddelenbewaking (PRAC: Pharmacovigilance Risk Assessment Committee) van het Europese Geneesmiddelenbureau (EMA: European Medicines Agency) heeft de risico’s bij het combineren van verschillende klassen van geneesmiddelen die inwerken op het “renine-angiotensine systeem” (RAS), een  hormonaal systeem dat de bloeddruk en de hoeveelheid vocht in het lichaam regelt, herzien. Deze geneesmiddelen (de zogenoemde RAS-werkende middelen) behoren tot drie grote klassen: angiotensine-receptor blokkers (ARB's, ook wel bekend als sartanen), angiotensineconversie-enzyminhibitoren (ACE-inhibitoren) en directe renine-inhibitoren, zoals aliskiren.
Het PRAC adviseert dat het combineren van geneesmiddelen uit deze klassen niet mag worden aanbevolen. Vooral aan patiënten met aan diabetes gerelateerde nierproblemen (diabetische nefropathie) mag geen ARB in combinatie met een ACE-inhibitor worden gegeven. Wanneer een dergelijke combinatie (dubbele blokkade) absoluut noodzakelijk wordt geacht, moet dit gebeuren onder het toezicht van een specialist met nauwgezette controle van de nierfunctie, vocht- en zoutbalans en bloeddruk. (Dit geldt ook voor het vergunde gebruik van het ARB candesartan of valsartan als aanvullende therapie bij ACE-inhibitoren bij de behandeling van patiënten met hartfalen die een dergelijke combinatie vereisen.) De combinatie van aliskiren met een ARB of een ACE-inhibitor is strikt gecontra-indiceerd bij patiënten met een gestoorde nierfunctie of diabetes.
De aanbeveling van het PRAC wordt nu doorgestuurd naar het Comité voor geneesmiddelen voor menselijk gebruik (CHMP: Committee for Medicinal Products for Human Use) dat een definitief advies zal formuleren.
Het RAS-systeem is betrokken bij het onderhouden van de water- en zoutbalans (elektrolytenbalans) in het lichaam, en dus bij het controleren van de bloeddruk. RAS-werkende middelen worden vooral gebruikt bij de behandeling van hypertensie (hoge bloeddruk) en congestief hartfalen (een vorm van hartaandoening waarbij het hart niet genoeg bloed door het lichaam kan pompen), terwijl sommige ook worden gebruikt bij bepaalde nierstoornissen verlies van eiwitten in de urine te verminderen. Om een betere controle te bereiken werden dergelijke geneesmiddelen in combinatie toegediend, maar de herziening werd opgestart vanwege de bezorgdheid dat het combineren van verschillende RAS-werkende middelen het risico op hyperkaliëmie (hoog kaliumgehalte in het bloed), op lage bloeddruk en op verslechtering van de nierfunctie zou kunnen verhogen, vergeleken met de behandeling met maar een van deze geneesmiddelen, en dat de verwachte gunstige effecten uitblijven.
Deze herziening volgt op een eerdere herziening door het EMA van geneesmiddelen die aliskiren bevatten, dewelke in februari 2012 concludeerde dat de combinatie van aliskiren met een ACE-inhibitor of ARB het risico op bijwerkingen op het hart, op de bloedsomloop en op de nieren kan verhogen. De combinatie werd daarom niet aanbevolen, voor geen enkele patiënt, en moest worden gecontra-indiceerd bij patiënten met diabetes of bij patiënten met een matige tot ernstige nierbeschadiging, die een groter risico lopen.
Het PRAC ondersteunt de conclusies van de vorige herziening. Bovendien vond het PRAC bewijsmateriaal van verscheidene uitgebreide studies van patiënten met verschillende bestaande hart- en bloedvatenstoornissen of met type 2-diabetes, die aantoonden dat de combinatie van een ARB met een ACE-inhibitor is geassocieerd met een verhoogd risico op hyperkaliëmie, nierschade of lage bloeddruk, in vergelijking met het gebruik van elk geneesmiddel afzonderlijk. Bovendien werden er geen significante voordelen gezien van een dubbele blokkade bij patiënten zonder hartfalen en wegen de voordelen slechts op tegen de risico’s  in een geselecteerde groep patiënten met hartfalen bij wie andere behandelingen niet geschikt waren .
Verdere details van de herziening en het achterliggende bewijs, evenals aanbevelingen voor patiënten en gezondheidszorgbeoefenaars, zullen beschikbaar worden gesteld op het moment van de CHMP-opinie.

 
Meer over het geneesmiddel
RAS-werkende geneesmiddelen werken door het blokkeren van verschillende stadia van het renine - angiotensine systeem. ARB's (die de werkzame stoffen azilsartan, candesartan, eprosartan, irbesartan, losartan, olmesartan, telmisartan en valsartan bevatten) blokkeren de receptoren van het hormoon angiotensine II. Het blokkeren van de werking van dit hormoon zorgt ervoor dat bloedvaten verwijden en helpt om de hoeveelheid water die opnieuw door de nieren wordt geabsorbeerd te verminderen, waardoor de bloeddruk in het lichaam daalt. De ACE-inhibitoren (benazepril, captopril, cilazapril, delapril, enalapril, fosinopril, imidapril, lisinopril, moexipril, perindopril, quinapril, ramipril, spirapril, trandolapril of zofenopril) en directe renine-inhibitoren (aliskiren) blokkeren de werking van specifieke enzymen die betrokken zijn bij de productie van angiotensine II in het lichaam (ACE-inhibitoren blokkeren angiotensineconversie-enzym, terwijl renine-inhibitoren het enzyme renine blokkeren).
RAS-werkende geneesmiddelen zijn vergund in de Europese Unie (EU) via centrale en nationale goedkeuringsprocedures en zijn overal verkrijgbaar in de EU onder verschillende handelsnamen.
In België zijn RAS-geneesmiddelen met de volgende actieve bestanddelen vergund en op de markt:
BENAZEPRIL, CAPTOPRIL, CILAZAPRIL, ENALAPRIL, FOSINOPRIL, LISINOPRIL, PERINDOPRIL, QUINAPRIL, RAMIPRIL, ZOFENOPRIL, CANDESARTAN, EPROSARTAN, IRBESARTAN, LOSARTAN, OLMESARTAN, TELMISARTAN, VALSARTAN en ALISKIREN 
 
Meer over de procedure
De herziening van de RAS-werkende geneesmiddelen werd gestart op verzoek van het Italiaanse Geneesmiddelenagentschap (AIFA), overeenkomstig artikel 31 van Richtlijn 2001/83/EG.
De herziening is uitgevoerd door het Risicobeoordelingscomité voor geneesmiddelenbewaking (PRAC), dat verantwoordelijk is voor de evaluatie van de veiligheid van geneesmiddelen voor menselijk gebruik, en dat een reeks aanbevelingen heeft geformuleerd. De aanbeveling van het PRAC wordt nu doorgestuurd naar het Comité voor geneesmiddelen voor menselijk gebruik (CHMP), verantwoordelijk voor alle vragen met betrekking tot geneesmiddelen voor menselijk gebruik, dat een definitief advies voor het EMA zal formuleren.

Contact
vig@fagg.be

Laatste update op
23/04/2014